Kerstboomgenocide / by Anouk Ama

Rond deze tijd van het jaar worden de laatste kerstbomen uit huis gezet. Ze worden achtergelaten bij de container, hopend dat ze gauw in de warme vuilniswagen worden getild. Doordat de wind sommige bomen een paar meter verder heeft gesleurd, liggen straten en stoepen bezaaid met dode bomen. Alsof er een grote slachtpartij heeft plaatsgevonden in het criminele circuit van de natuur.

Genadeloos

Elk jaar zie ik op tegen deze kerstboomgenocide. Ik houd namelijk erg van de kerstboom, versier hem graag met sieraden en gebruik hem dankbaar als etagère voor chocoladehulst. Maar het idee dat we eerst de mooiste, gezondste, volste en groenste boom uitzoeken om hem vier weken later genadeloos op straat te dumpen, stond me vanaf het begin tegen. Daarom heb ik december jarenlang doorgebracht zonder boom. Neem dan een kunstboom, adviseerden anderen me begrijpelijk. Maar ik heb niks met nepbomen. Die hebben een te perfecte vorm en zijn te plastic. Het is juist de geur van hars, het prikken van de naalden en die misvormde takken waar ik bij een kerstboom zo van geniet. Voor mij liever geen boom dan een nepboom.

Logeren

Toen ik bij een collega mijn hart uitstortte over dit duivelse dilemma, vertelde hij mij dat je tegenwoordig ook een kerstboom kunt adopteren. Het werkt als volgt: je gaat langs bij een uitgiftepunt, kiest een boom, geeft hem een naam (optioneel, maar in mijn geval onvermijdelijk), biedt hem vier/vijf weken bed, bad, brood en levert hem na de feestdagen weer in bij hetzelfde uitgiftepunt. De medewerkers brengen jouw boom daarna terug naar de kweker, die hem terugzet in de grond en een jaar lang verzorgt. Het jaar daarop krijg je een mail met de vraag of jouw boom weer mag komen logeren. Ook hoor je of jouw boom een groeispurt heeft gemaakt. Is hij te groot geworden, mag je gewoon een andere boom uitkiezen.

Mooiste ballen

Hoopvol vertelde ik mijn vriend over dit initiatief. Hij heeft het niet zo op kerstbomen, maar van dit idee werd zelfs hij blij. Zodra het uitgiftepunt open was, reden we ernaartoe en zochten een mooie, gezonde, groene, volle boom uit die we Hector noemden. Vier weken lang genoten wij thuis van ‘onze’ Hector. En Hector van ons, want elke dag kreeg hij een vers kopje water. Het verschil met andere bomen is dat Hector daarna niet hoefde weg te rotten op straat, maar samen met zijn broers en zussen in de grond bij Boskoop staat, wedijverend wie de mooiste kerstballen had.

Hector was duurder dan de bomen van de Albert Heijn of Praxis, maar dat hadden wij ervoor over. Want voor twee tientjes meer hadden wij een maand lang een levende kerstboom in huis zonder dat ons luxegedrag ten koste ging van de natuur. Ik kijk er nu al naar uit om Hector volgend jaar weer op te halen. Als hij tenminste nog in ons huis past.