Een kinderboek schrijven / by Anouk Ama

Oranje voeten

In 2017 sneeuwde het in Rotterdam één dag. Geen lullige, witte regendruppels, maar grote, pluizige vlokken die zich samenvoegden tot smetteloze vlaktes. ‘s Avonds liep ik met mijn vriend buiten. De sneeuw kraakte onder onze schoenen: een zeldzaam geluid voor een drukke stad. Hier en daar morste een boom wat sneeuw en trokken kinderen met sleeën sporen in de witte deken.

Na een romantisch fotootje en intensief sneeuwballengevecht (in die volgorde) viel mijn oog op iets wits bij de waterkant. Geen sneeuw, maar wat het wel was kon ik door het sneeuwgordijn niet goed zien. Ik kon alleen een silhouet onderscheiden, totdat ik beter keek en zag dat het een gans was. Zo’n witte met oranje voeten, die ‘s zomers zo mooi afsteken tegen het groene gras.

Spotten

Ik had met hem te doen. Het arme dier was tot aan zijn nek ingesneeuwd en leek dit schitterende natuurgeweld helemaal alleen te moeten trotseren. Waar waren zijn vrienden? Ik keek rond, maar zag nergens anders ingesneeuwde ganzen. Het zou kunnen dat deze gans graag op zichzelf was, maar ik dacht me te herinneren dat ganzen geen einzelgängers zijn. Die leven in groepen en steken het liefst met zijn allen tegelijk de weg over.

Zou hij zijn groep misschien zijn kwijtgeraakt, omdat hij ze niet kon zien? De sneeuw is net zo wit als zijn veren en ook ik kon hem maar moeilijk spotten. Ik lag in een deuk. Ik zag voor me hoe de gans volledig was opgegaan in de sneeuwvlokken, langzaam was ingesneeuwd en niet door had gehad dat zijn maatjes waren gaan schuilen. Nu zat hij in zijn eentje te verkleumen bij de waterkant, wachtend totdat Moeder Natuur hem zou verlossen uit deze koude deken.

Twijfel en kritiek

En zo ontstond in mijn hoofd ineens een verhaal voor een kinderboek. Geen idee of kinderen er net zo om moesten lachen als ik, maar ik besloot het te proberen. Uiteindelijk heb ik nog een jaar op het verhaal gekauwd voordat het verhaal er uitrolde. Toen kwam de fase van het bijschaven, wegleggen, inkorten en voorleggen. Tot slot gaf ik mijn gans een naam: Gijs.

Ik zocht een illustrator en vroeg offertes op bij drukkers. Het boek werd steeds echter en dat deed me twijfelen. Wat nu als ik de enige ben die dit verhaal ziet zitten? Bovendien worden er al zoveel kinderboeken gemaakt, wat maakt mijn boek anders? Terechte kritieken die me dwongen om mijn motivatie scherp te krijgen. Ik dacht aan wat een illustrator eens tegen me zei:

Een boek verschijnt alleen omdat de auteur vindt dat het verhaal verteld moet worden. Het succes ervan wordt bepaald door de lezer.

Trots

Inmiddels is mijn illustrator Minna bezig om mijn ideeën te visualiseren en heb ik een deal met een drukker. Telkens als Minna nieuwe illustraties doorstuurt, word ik steeds enthousiaster. Als alles volgens planning verloopt, is het boekje vanaf september te koop via mijn website, bol.com en in de Rotterdamse boekenwinkels. Of mensen Gijs willen kopen is dan nog steeds de vraag, maar desondanks ben ik blij dat ik heb doorgezet. Want ik vond dat Gijs zijn verhaal er moest komen.